woensdag 9 mei 2012

9 mei: Onze Lieve Vrouw van Vlaanderen


Onze kapel bezit een Mariabeeldje dat model heeft gestaan voor het grotere marmeren Mariabeeld bij de Jezuïeten te Gent. Laatstgenoemd beeld werd 150 jaar geleden, op 9 mei 1860, gekroond en kreeg de naam Onze Lieve Vrouw van Vlaanderen.

De verering van het beeld kende veel succes. Jaarlijks, bij het begin van de meimaand, was er noveen voor Maria, predicaties en liturgische vieringen. In 1892 kregen de Jezuïeten van Gent de toestemming om op 9 mei ‘Onze‐Lieve‐Vrouw van Vlaanderen’ met een eigen feestdag te vieren. Een gregoriaanse mis werd gecomponeerd door dom Pothier, de grote man achter de gregoriaanse muziek van Solesmes.

In 1910 werd de vijftigjarige kroning van het beeld met veel luister gevierd. Aan componisten en tekstschrijvers werd gevraagd om een nieuw Marialied te schrijven.

Vijf liederen werden zo gecomponeerd. 'Liefde gaf u duizend namen', op tekst van E.H. Cuppens en met muziek van Lodewijk De Vocht werd ontegensprekelijk het meest bekende ervan.

'Liefde gaf u duizend namen', het alom bekende lied heeft ervoor gezorgd dat de titel ‘Onze‐Lieve‐Vrouw van Vlaanderen’ bekend is gebleven.

Liefde gaf U duizend namen,
groot en edel, schoon en zoet,
maar geen één die ’t hart der Vlamen
even hoog verblijden doet
als de naam o Moedermaagd
die Gij in ons landje draagt,
schoner klinkt hij dan al d’anderen:
onze Lieve Vrouw van Vlaanderen. (bis)

Waar men gaat langs Vlaamse wegen,
oude hoeve, huis of tronk
komt men U Maria tegen,
staat Uw beeltenis te pronk;
lacht ons toe uit lindengroen
bloemenkrans of blij festoen,
moge ’t nimmer hier veranderen
o Gij Lieve Vrouw van Vlaanderen. (bis)

Blijf in ’t Vlaamse harte tronen
als de hoogste Koningin,
als de beste Moeder wonen
in elk Vlaamse huisgezin.
Sta ons bij in alle nood,
nu en in het uur der dood,
ons, Uw kinderen en ook d’anderen
Liefste Lieve Vrouw van Vlaanderen! (bis)

tekst : August Cuppens
muziek : Lodewijk de Vocht


dinsdag 8 mei 2012

8 mei: Verschijning van de heilige aartsengel Michaël


In het jaar 390 is de heilige Aartsengel Michaël enkele keren verschenen op de berg Garganus (Monte Gargano). Dat is een berg in Apulië, vlakbij de stad Sypontus. Er woonde een man, die Garganus heette. De berg was dan ook naar hem genoemd. Hij had een onafzienbare kudde runderen en schapen. Toen deze eens op de flanken van de berg liepen te grazen, dwaalde een stier af van de rest en klom langzaam naar de top van de berg. Bij thuiskomst van het vee miste men hem. De herder nam een hele groep knechten mee en zocht de stier op de onmogelijkste paadjes. Tenslotte vond hij hem helemaal boven op de top van de berg voor de ingang van een grot. Omdat de man geïrriteerd was over het feit dat die stier zo helemaal zijn eigen gang was gegaan en omdat hij niet bij het dier kon komen vanwege het ondoordringbare struikgewas, schoot hij een vergiftigde pijl op hem af. Maar de pijl kwam naar de schutter terugvliegen, alsof hij door de wind in tegengestelde richting was gestuurd. De burgers waren er zo van geschrokken dat ze de bisschop gingen vragen of hij iets van dat wonder begreep. Die kondigde een driedaagse vasten af en zei dat iedereen in gebed aan God om opheldering moest vragen, wat dit alles te betekenen had.

Toen verscheen Sint Michaël aan die bisschop in de vroege morgen van 8 mei met de woorden: "U moet weten dat die man door mijn toedoen het slachtoffer is geworden van zijn eigen pijl; want ik ben de aartsengel Michaël, en ik heb besloten om deze plek als mijn verblijfplaats op aarde uit te kiezen om van daaruit des te beter mijn beschermende taak te kunnen uitoefenen. Ik heb dus met deze tekenen willen duidelijk maken dat ikzelf behoeder en wachter wil zijn van deze plek." Daarop trok de bisschop tezamen met de inwoners van de stad in processie naar die plek om met veel devotie voor de ingang van de grot te gaan bidden. Maar niemand durfde er naar binnen te gaan.

Men bracht paus Felix op de hoogte van de bijzondere gebeurtenissen. Hij liet ze overal bekend maken. Keizer Zeno van Byzantium was zo onder de indruk dat hij zelfs wijgeschenken liet aanvoeren ter ere van de grote engel.

In de tijd erna vielen de Germanen herhaaldelijk Italië binnen om de macht over te nemen. Daarbij liep ook Siponto meer dan eens gevaar. Toen de situatie al maar nijpender werd, bedacht de bisschop plotseling hoe de aanvoerder van de hemelse legerscharen ruim twee jaar geleden zijn hulp en bijstand had toegezegd. Dus wendde hij zich in zijn gebed tot hem om bescherming af te smeken. En zie, in de vroege morgen van de 19e september verscheen de aartsengel daar voor de tweede keer: nu aan de bisschop. Hij zegde hem zijn steun toe. De gevechten waren nog niet begonnen, of de hemel boven de Monte Gargano begon inktzwart te kleuren. Zowel de plek waar de engel verbleef, als de stad Siponto werden door dichte wolken omgeven. Onophoudelijk deden de donderslagen de aarde beven; bliksemschichten schoten telkens weer uit de pikzwarte wolkenmassa tevoorschijn. Door dit geweld aan de hemel werd de vijand zo afgeschrikt dat ze in paniek op de vlucht sloegen, waarbij de inwoners van Siponto in de zekerheid dat ze onder Michaëls bescherming stonden, hen met vaandels waarop hun heilige engel stond afgebeeld, wel tot Napels achterna joegen.

Na deze overwinning trok de bisschop met alle gelovigen weer naar de berg om de engel te bedanken. Toen hij na lang aarzelen het er toch op waagde om de grot te betreden, vond hij daar een bewijs dat de engel daar verbleef: een voetafdruk.

Na zoveel zegeningen wilden de inwoners van Siponto een gedenkteken oprichten ter ere van hun geliefde aartsengel. De bisschop vroeg toestemming aan de paus om de grot tot kerkruimte te wijden. De paus antwoordde dat het niet aan de Siponters toekwam de dag van inwijding vast te stellen; ze moesten maar bidden en vasten, en wachten op het moment dat de engel met tekenen duidelijk zou maken wat zijn verlangen was. Inderdaad verscheen de aartsengel Michaël in de nacht voorafgaand aan de 29e september aan de bisschop: "U bent het niet die mijn grot tot heiligdom zult wijden. Immers degene die dit alles heeft geopenbaard, heeft haar al ingewijd. Ikzelf, de 'Heer van de Grot' roep jullie bijeen in mijn heiligdom om daar onbevreesd de heilige eredienst te kunnen vieren. Want ik heb deze grot tot basilica gewijd met de bedoeling dat in dit Godshuis de zonden van de mensen mogen worden vergeven en alle schuld afgewassen."

De volgende morgen togen de bisschop en de bevolking naar de berg ter bedevaart. Terwijl zij nog aarzelend de berg betraden, troffen ze het teken van de wijding aan: de grillig gevormde rots met de voetafdruk van de engel erin was door Michaël tot altaar gemaakt. Over de rots was een rode doek gespreid, zoals in de Griekse Kerk gebruikelijk is bij een altaarwijding.

De kerk zou bekend worden onder de naam 'Sancti Angeli usque ad coelos'.

De laatste verschijning van de Aartsengel Michaël vond plaats in 1656. In heel Zuid-Italië heerste een agressieve pestepidemie. De mensen stonden machteloos. Daarom riep de toenmalige bisschop van Siponto een driedaagse vasten af. Vervolgens trok hij aan het hoofd van zijn al zijn geestelijken en het gehele gelovige volk op naar de grot, terwijl ieder een strop om de hals had gehangen. Er werden psalmen gezongen en litanieën gebeden. Pas na drie dagen van boetedoening en nederig gebed, gaf de engel een teken van zijn aanwezigheid. Het was op een vrijdag, de 22e september, precies een week zijn feestdag. Om vijf uur in de morgen - aldus een brief uit 1658 van de bisschop aan paus Alexander VII - werd hij wakker van een ontzettend geraas; het leek wel of er een aardbeving aan de gang was. In het oosten zag hij een machtig licht; het leek op een zondoorschenen kristal. Hij hoorde een stem die zei: "U, herder van deze kudde, u moet weten dat ik het bij de heilige Drie-eenheid gedaan gekregen heb dat ieder die een steen afbrokkelt van de wanden van mijn grot en die devoot en wel bij zich houdt, voor de pest gevrijwaard zal blijven. Ja, alle huizen, dorpen en steden waar zo'n steen wordt bewaard, zullen aan de pest ontkomen. Maak deze genadegave maar aan iedereen bekend. En op het moment dat u die stenen op mijn voorspraak zegent, moet u ze tekenen met een kruis en mijn naam erin krassen. Zo zal Gods toorn worden afgewend."

Zielsgelukkig en dankbaar viel de bisschop op zijn knieën. Hij riep zijn dienaren bij zich en vertelde hun over de belofte van de engel. De volgende dag, op 23 september dus, maakte hij aan het volk bekend dat ze niets meer van de pest te vrezen hadden. Hij beval nu de stenen uit de wanden van de grot te breken, liet er een monogram in krassen (S † M) en sprak er een zegen over uit waarvoor hij zelf de tekst had opgesteld. Nadat hij de stenen onder het volk had laten verdelen, verdween de pest binnen een paar dagen uit het hele land.

Uit deze legendenserie kan men opmaken welke zorgen en kwaliteiten aan Sint Michaël worden toegedicht. Het zijn er vijf: hij is herder en beschermt de kudde; hij is aanvoerder in de strijd en beheerst de kosmische krachten; hij is priester en draagt zorg voor de eredienst; hij is de heer van de grot, dat wil zeggen begeleider der doden en vorst over het dodenrijk; hij is arts en geneesheer van alle aandoeningen naar ziel en lichaam, en kent de verborgen geneeskracht van de aarde en water.

Michaël van de Monte Gargano wordt op 8 mei gevierd. Volgens dit verhaal, omdat de eerste verschijning van de aartsengel er plaatsvond op die dag in het jaar 390. Er zijn andere versies die weten te vertellen dat de kerk die er ter ere van Michaël werd gebouwd, op 8 mei 493 zou zijn ingewijd.

Sindsdien wordt die berg ook wel genoemd de Monte Sant'Angelo.


zaterdag 5 mei 2012

5 mei: Heilige Pius V, paus en belijder

Pius V werd op 17 januari 1504 te Bosco nabij Allessandria geboren als Michele Ghislieri. Al op 14-jarige leeftijd trad hij in bij de Dominicanen. Hij werd in 1528 tot priester gewijd. In 1556 benoemde paus Paulus IV hem tot bisschop van de Italiaanse diocesen Nepi en Sutri, nadat hij Ghislieri eerder al (in 1551) had benoemd in de leiding van de Romeinse inquisitie. Dezelfde paus verhief hem in 1557 tot kardinaal.

Na zijn verkiezing tot paus in 1566 heeft Pius V zich volledig ingezet voor de realisering van de bepalingen van het Concilie van Trente (1545-1563). Hij verpersoonlijkt de katholieke contra-reformatie. Meteen in 1566 liet hij de Catechismus Romanus verschijnen. In 1568 verscheen het herziene Romeins brevier en in 1570 een herzien missaal, dat vanaf 1570 tot 1969, het jaar van de invoering van een vernieuwde liturgie (Novus Ordo Missae) door Paus Paulus VI, de enige ordo was die wereldwijd door katholieke priesters op alle continenten gebruikt werd. Het gebruik van deze Liturgie van Pius V, de zogenaamde 'Tridentijnse heilige Mis', werd echter nooit afgeschaft en staat in de Rooms-katholieke Kerk nu bekend als de buitengewone vorm van de Romeinse ritus (cf. Motu Proprio 'Summorum Pontificum' uit 2007 van paus Benedictus XVI).

In 1567 verhief hij de heilige Thomas van Aquino tot kerkleraar.

In 1569 benoemde Pius V een commissie ter herziening van de tekst van de Vulgata, de officiële Latijnse Bijbelvertaling.

Pius V sprak in 1570 de excommunicatie uit over koningin Elizabeth I van Engeland.

In 1570 bedreigden de oprukkende Turken het Italiaanse schiereiland. Met de grootst mogelijke moeite wist de paus de christenstaten te bewegen de krachten te bundelen en een gezamenlijk leger op de been te brengen. Zo voer op 7 oktober 1571 een Spaans-Italiaanse vloot, onder leiding van Don Juan van Oostenrijk († 1578) de Turken tegemoet voor een beslissend treffen. Deze zeeslag is de geschiedenis ingegaan als de Slag bij Lepanto (dit is het huidige Navpaktos, ten noorden van de Griekse stad Patras aan de Golf van Korinte).
Intussen had de paus de christenen opgeroepen tot een onophoudelijk bidden van de Rozenkrans om zo Maria's voorspraak af te smeken. Als de christenen zouden winnen - zo beloofde hij - zou hij een officieel feest van de Rozenkrans instellen. En zo geschiedde. Sindsdien staat het feest van Onze Lieve Vrouw van de Rozenkrans op 7 oktober op de Romeinse Kalender.

Pius V voerde de gewoonte in dat pausen een witte soutane dragen, oorspronkelijk het witte dominicaanse habijt, echter zonder de bijbehorende zwarte mantel die door de dominicanen wordt gedragen.

Pius V overleed op 1 mei 1572 in Rome. In 1672 werd hij zaligverklaard door paus Clemens X en in 1712 volgde zijn heiligverklaring door paus Clemens XI.


donderdag 3 mei 2012

Bedevaart van Diest naar Scherpenheuvel op zondag 6 mei

H. Johannes Berchmans

Op 22 januari 1888 werd Johannes Berchmans heilig verklaard, volgend jaar dus 125 jaar geleden. Als voorbereiding op dit Berchmans-jaar is het een mooi gebaar om in de voetsporen van deze heilige te treden, die vaak zijn beslissingen aan Onze Lieve Vrouw van Scherpenheuvel toevertrouwde.

De bedevaart vangt om 12.00 uur aan met een plechtige H. Mis in de Sint-Sulpitiuskerk te Diest. Deze H. Mis wordt gecelebreerd in de buitengewone vorm van de Romeinse ritus (missaal 1962).

Na de Mis is er gelegenheid om de (meegebrachte) lunch te nuttigen. Daarna begint de voetbedevaart naar Scherpenheuvel. Daarbij wordt dezelfde weg gevolgd als Sint Jan Berchmans. Onderweg wordt enkele keren halt gehouden voor het rozenhoedje en onderricht.
Om 16.30 uur is er Lof in de basiliek van Scherpenheuvel.

Laten we Onze Lieve Vrouw van Scherpenheuvel en Sint Jan Berchmans aanroepen voor de jongeren en de gezinnen, opdat het geloof in Vlaanderen een nieuw elan mag krijgen en tot roepingen kan leiden tot het priesterschap en het religieuze leven. Alle inlichtingen en aanmelding (om alles praktisch in goede banen te leiden): mysterium.fidei@hotmail.com.

De geestelijke leiding is in handen van de eerwaarde paters Gert Verbeken SJM en Jos Vanderbruggen o.praem.