maandag 20 december 2010

O-antifoon voor 20 december: 'O Clavis'

De O-antifonen zijn zeven antifonen, die in de liturgie worden gezongen voor en na het Magnificat in de Vespers van 17 tot en met 23 december. Deze antifonen staan bekend als de Antiphonae Majores (de grote antifonen).

De naam O-antifonen hebben zij gekregen omdat elke antifoon begint met de aanroeping van de nieuwgeboren Heer met een andere naam/titel, voorafgegaan door de uitroep ‘O’. De zeven messiastitels zijn alle uit oudtestamentische schriftgedeelten afgeleid, namelijk Spreuken 8, 1-6; Deuteronomium 10, 16-22; Jesaja 11, 1-10; Jesaja 22, 20-22; Maleachi 4, 1-3; Jeremia 10, 1-7 en Jesaja 7, 14. De bijbehorende aanroepingen luiden respectievelijk: Sapientia, Adonaï, Radix Jesse, Clavis David, Oriens, Rex gentium, en Emmanuel. Wanneer de hoofdletters van elk eerste woord van achteren naar voren gelezen worden ontstaat het acrostichon: ERO CRAS, hetgeen betekent: ‘morgen zal ik er zijn’.

Latijn
O CLAVIS DAVID, et sceptrum domus Israel: qui aperis, et nemo claudit; claudis, et nemo aperit: veni, et educ vinctum de domo carceris, sedentem in tenebris et umbra mortis.

Nederlandse vertaling
O SLEUTEL VAN DAVID en Scepter van Israëls huis, wat Gij opent zal niemand meer sluiten; wat Gij sluit zal niemand meer openen; kom nu en bevrijd ons, gevangenen, uit de duisternis en de schaduw van de dood.


Geen opmerkingen:

Een reactie posten