vrijdag 24 december 2010

Kerstmis in de Sint-Michaëlskapel

Vrijdag 24 december: Vigilie van Kerstmis
23.30 uur: Adventviering

Zaterdag 25 december: Hoogfeest van Kerstmis - Geboorte van onze Heer Jezus Christus
00.00 uur: Middernachtmis van Kerstmis
01.00 uur: Tweede Nachtmis van Kerstmis
02.00 uur: Dageraadsmis (Herdertjesmis)

10.00 uur: Plechtige gezongen Dagmis van Kerstmis

Zondag 26 december: Zondag onder het Octaaf van Kerstmis
10.00 uur: Hoogmis

Alle H.H. Missen zullen worden gecelebreerd door pater H. Volk S.J.M.


donderdag 23 december 2010

Ero cras: Morgen zal Ik er zijn


De afgelopen dagen hebben we geluisterd naar de O-antifonen met bijbehorende aanroepingen. Deze luiden respectievelijk: Sapientia, Adonaï, Radix Jesse, Clavis David, Oriens, Rex gentium, en Emmanuel. Wanneer de hoofdletters van elk eerste woord van achteren naar voren gelezen worden ontstaat het acrostichon: ERO CRAS, hetgeen betekent: ‘morgen zal ik er zijn’.

O-antifoon voor 23 december: 'O Emmanuel'

De O-antifonen zijn zeven antifonen, die in de liturgie worden gezongen voor en na het Magnificat in de Vespers van 17 tot en met 23 december. Deze antifonen staan bekend als de Antiphonae Majores (de grote antifonen).

De naam O-antifonen hebben zij gekregen omdat elke antifoon begint met de aanroeping van de nieuwgeboren Heer met een andere naam/titel, voorafgegaan door de uitroep ‘O’. De zeven messiastitels zijn alle uit oudtestamentische schriftgedeelten afgeleid, namelijk Spreuken 8, 1-6; Deuteronomium 10, 16-22; Jesaja 11, 1-10; Jesaja 22, 20-22; Maleachi 4, 1-3; Jeremia 10, 1-7 en Jesaja 7, 14. De bijbehorende aanroepingen luiden respectievelijk: Sapientia, Adonaï, Radix Jesse, Clavis David, Oriens, Rex gentium, en Emmanuel. Wanneer de hoofdletters van elk eerste woord van achteren naar voren gelezen worden ontstaat het acrostichon: ERO CRAS, hetgeen betekent: ‘morgen zal ik er zijn’.

Latijn
O EMMANUEL, Rex et legifer noster, expectatio gentium, et Salvator earum: veni ad salvandum nos Domine Deus noster.

Nederlandse vertaling
O EMMANUEL, Koning en Wetgever, lang verwachte Redder van de volkeren, kom nu, red ons, Heer onze God.


woensdag 22 december 2010

O-antifoon voor 22 december: 'O Rex Gentium'

De O-antifonen zijn zeven antifonen, die in de liturgie worden gezongen voor en na het Magnificat in de Vespers van 17 tot en met 23 december. Deze antifonen staan bekend als de Antiphonae Majores (de grote antifonen).

De naam O-antifonen hebben zij gekregen omdat elke antifoon begint met de aanroeping van de nieuwgeboren Heer met een andere naam/titel, voorafgegaan door de uitroep ‘O’. De zeven messiastitels zijn alle uit oudtestamentische schriftgedeelten afgeleid, namelijk Spreuken 8, 1-6; Deuteronomium 10, 16-22; Jesaja 11, 1-10; Jesaja 22, 20-22; Maleachi 4, 1-3; Jeremia 10, 1-7 en Jesaja 7, 14. De bijbehorende aanroepingen luiden respectievelijk: Sapientia, Adonaï, Radix Jesse, Clavis David, Oriens, Rex gentium, en Emmanuel. Wanneer de hoofdletters van elk eerste woord van achteren naar voren gelezen worden ontstaat het acrostichon: ERO CRAS, hetgeen betekent: ‘morgen zal ik er zijn’.

Latijn
O REX GENTIUM, et desideratus earum, lapisque angularis, qui facis utraque unum: veni, et salva hominem, quem de limo formasti.

Nederlandse vertaling
O KONING VAN DE VOLKEREN, zo lang verwacht, Gij zijt de hoeksteen waarop alles rust; kom nu, red de mens die Gij uit aarde hebt gevormd.


dinsdag 21 december 2010

O-antifoon voor 21 december: 'O Oriens'

De O-antifonen zijn zeven antifonen, die in de liturgie worden gezongen voor en na het Magnificat in de Vespers van 17 tot en met 23 december. Deze antifonen staan bekend als de Antiphonae Majores (de grote antifonen).

De naam O-antifonen hebben zij gekregen omdat elke antifoon begint met de aanroeping van de nieuwgeboren Heer met een andere naam/titel, voorafgegaan door de uitroep ‘O’. De zeven messiastitels zijn alle uit oudtestamentische schriftgedeelten afgeleid, namelijk Spreuken 8, 1-6; Deuteronomium 10, 16-22; Jesaja 11, 1-10; Jesaja 22, 20-22; Maleachi 4, 1-3; Jeremia 10, 1-7 en Jesaja 7, 14. De bijbehorende aanroepingen luiden respectievelijk: Sapientia, Adonaï, Radix Jesse, Clavis David, Oriens, Rex gentium, en Emmanuel. Wanneer de hoofdletters van elk eerste woord van achteren naar voren gelezen worden ontstaat het acrostichon: ERO CRAS, hetgeen betekent: ‘morgen zal ik er zijn’.

Latijn
O ORIENS, splendor lucis aeternae, et sol iustitiae: veni, et illumina sedentes in tenebris et umbra mortis.

Nederlandse vertaling
O DAGERAAD, Afglans van het eeuwig licht en Zon van gerechtigheid; kom nu met uw licht tot hen die in duisternis leven, in de schaduw van de dood.


maandag 20 december 2010

O-antifoon voor 20 december: 'O Clavis'

De O-antifonen zijn zeven antifonen, die in de liturgie worden gezongen voor en na het Magnificat in de Vespers van 17 tot en met 23 december. Deze antifonen staan bekend als de Antiphonae Majores (de grote antifonen).

De naam O-antifonen hebben zij gekregen omdat elke antifoon begint met de aanroeping van de nieuwgeboren Heer met een andere naam/titel, voorafgegaan door de uitroep ‘O’. De zeven messiastitels zijn alle uit oudtestamentische schriftgedeelten afgeleid, namelijk Spreuken 8, 1-6; Deuteronomium 10, 16-22; Jesaja 11, 1-10; Jesaja 22, 20-22; Maleachi 4, 1-3; Jeremia 10, 1-7 en Jesaja 7, 14. De bijbehorende aanroepingen luiden respectievelijk: Sapientia, Adonaï, Radix Jesse, Clavis David, Oriens, Rex gentium, en Emmanuel. Wanneer de hoofdletters van elk eerste woord van achteren naar voren gelezen worden ontstaat het acrostichon: ERO CRAS, hetgeen betekent: ‘morgen zal ik er zijn’.

Latijn
O CLAVIS DAVID, et sceptrum domus Israel: qui aperis, et nemo claudit; claudis, et nemo aperit: veni, et educ vinctum de domo carceris, sedentem in tenebris et umbra mortis.

Nederlandse vertaling
O SLEUTEL VAN DAVID en Scepter van Israëls huis, wat Gij opent zal niemand meer sluiten; wat Gij sluit zal niemand meer openen; kom nu en bevrijd ons, gevangenen, uit de duisternis en de schaduw van de dood.


zondag 19 december 2010

O-antifoon voor 19 december: 'O Radix'

De O-antifonen zijn zeven antifonen, die in de liturgie worden gezongen voor en na het Magnificat in de Vespers van 17 tot en met 23 december. Deze antifonen staan bekend als de Antiphonae Majores (de grote antifonen).

De naam O-antifonen hebben zij gekregen omdat elke antifoon begint met de aanroeping van de nieuwgeboren Heer met een andere naam/titel, voorafgegaan door de uitroep ‘O’. De zeven messiastitels zijn alle uit oudtestamentische schriftgedeelten afgeleid, namelijk Spreuken 8, 1-6; Deuteronomium 10, 16-22; Jesaja 11, 1-10; Jesaja 22, 20-22; Maleachi 4, 1-3; Jeremia 10, 1-7 en Jesaja 7, 14. De bijbehorende aanroepingen luiden respectievelijk: Sapientia, Adonaï, Radix Jesse, Clavis David, Oriens, Rex gentium, en Emmanuel. Wanneer de hoofdletters van elk eerste woord van achteren naar voren gelezen worden ontstaat het acrostichon: ERO CRAS, hetgeen betekent: ‘morgen zal ik er zijn’.

Latijn
O RADIX JESSE, qui stas in signum populorum, super quem continebunt reges os suum, quem gentes deprecabuntur: veni ad liberandum nos, iam noli tardare.

Nederlandse vertaling
O WORTEL VAN JESSE, Gij zijt het teken waar de volken op hebben gewacht; voor U staan koningen sprakeloos en werpen hun onderdanen zich biddend neer: kom nu, bevrijd ons, wacht niet langer.


zaterdag 18 december 2010

O-antifoon voor 18 december: 'O Adonai'

De O-antifonen zijn zeven antifonen, die in de liturgie worden gezongen voor en na het Magnificat in de Vespers van 17 tot en met 23 december. Deze antifonen staan bekend als de Antiphonae Majores (de grote antifonen).

De naam O-antifonen hebben zij gekregen omdat elke antifoon begint met de aanroeping van de nieuwgeboren Heer met een andere naam/titel, voorafgegaan door de uitroep ‘O’. De zeven messiastitels zijn alle uit oudtestamentische schriftgedeelten afgeleid, namelijk Spreuken 8, 1-6; Deuteronomium 10, 16-22; Jesaja 11, 1-10; Jesaja 22, 20-22; Maleachi 4, 1-3; Jeremia 10, 1-7 en Jesaja 7, 14. De bijbehorende aanroepingen luiden respectievelijk: Sapientia, Adonaï, Radix Jesse, Clavis David, Oriens, Rex gentium, en Emmanuel. Wanneer de hoofdletters van elk eerste woord van achteren naar voren gelezen worden ontstaat het acrostichon: ERO CRAS, hetgeen betekent: ‘morgen zal ik er zijn’.

Latijn
O ADONAI, et Dux domus Israel, qui Moysi in igne flammae rubi apparuisti, et ei in Sina legem dedisti: veni ad redimendum nos in brachio extento.

Nederlandse vertaling
O ADONAI, Heer van Israëls huis, Gij zijt aan Mozes verschenen in het brandend braambos en hebt hem de wet gegeven op de Sinaï; kom nu, bevrijd ons met sterke hand.


vrijdag 17 december 2010

O-antifoon voor 17 december: 'O Sapientia'

De o-antifonen zijn zeven antifonen, die in de liturgie worden gezongen voor en na het Magnificat in de Vespers van 17 tot en met 23 december. Deze antifonen staan bekend als de Antiphonae Majores (de grote antifonen).

De naam O-antifonen hebben zij gekregen omdat elke antifoon begint met de aanroeping van de nieuwgeboren Heer met een andere naam/titel, voorafgegaan door de uitroep ‘O’. De zeven messiastitels zijn alle uit oudtestamentische schriftgedeelten afgeleid, namelijk Spreuken 8, 1-6; Deuteronomium 10, 16-22; Jesaja 11, 1-10; Jesaja 22, 20-22; Maleachi 4, 1-3; Jeremia 10, 1-7 en Jesaja 7, 14. De bijbehorende aanroepingen luiden respectievelijk: Sapientia, Adonaï, Radix Jesse, Clavis David, Oriens, Rex gentium, en Emmanuel. Wanneer de hoofdletters van elk eerste woord van achteren naar voren gelezen worden ontstaat het acrostichon: ERO CRAS, hetgeen betekent: ‘morgen zal ik er zijn’.

Latijn
O SAPIENTIA, quae ex ore Altissimi prodisti, attingens a fine usque ad finem, fortiter suaviter disponensque omnia: veni ad docendum nos viam prudentiae.

Nederlandse vertaling
O WIJSHEID, Gij zijt voortgekomen uit de mond van de Allerhoogste en doordringt alles met milde kracht, kom nu, wijs ons uw wegen.


zondag 12 december 2010

Preek voor de derde zondag van de Advent - Zondag Gaudete

“Ik ben de stem van een roepende in de woestijn: Maakt recht de weg des Heren.”
Epistel
Fil. 4, 4-7
Broeders, weest altijd blijmoedig in de Heer; nog eens zeg ik: weest blijmoedig. Laat uw goedheid aan alle mensen zien. De Heer is dichtbij. Maakt u nergens bezorgd over, maar geeft uw verlangens altijd door bidden en smeken aan God te kennen, met een dankbaar hart. En dan moge de vrede van God, die alle begrip te boven gaat, uw hart en uw verstand bewaren in Christus Jezus, onze Heer.

Evangelie
Joh. 1, 19-28
In die tijd, zonden de joden uit Jeruzalem priesters en levieten tot Johannes met de vraag: ‘Wie zijt gij?’ En onomwonden verklaarde hij met de meeste nadruk “Ik ben de Christus niet”. Toen vroegen zij hem: “Wat dan? Zijt gij Elias?”. Hij zeide: “Dat ben ik niet.” “Zijt gij de profeet?” – Hij antwoordde: “Neen”. ‘Zij zeiden hem nu: “Wie zijt gij dan? Opdat wij antwoord kunnen geven aan hen, die ons gezonden hebben. Wat zegt gij van u zelf?” Hij sprak: “Ik ben de stem van een roepende in de woestijn: Maakt recht de weg des Heren, zoals de profeet Isaias gezegd heeft.”
De afgevaardigden, behoorden tot de Farizeeën. En zij stelden hem de vraag: “ Wat doopt ge dan, als ge niet de Christus zijt, noch Elias, noch de profeet?” Johannes gaf hun ten antwoord: “Ik doop met water. Maar midden onder u staat Hij, die gij niet kent! Hij is het, die na mij komt, maar de voorgang heeft op mij; ik ben niet waardig zijn schoenriem los te maken.” Dit gebeurde te Betanië, aan de overzijde van de Jordaan, waar Johannes toen doopte.

Preek
“Broeders, verheugt u in de Heer, nogmaals: verheugt u.” Zo luiden, beminde gelovigen, de beginwoorden van het Epistel van vandaag, die ook zijn opgenomen in de Introitus en die de naam hebben gegeven aan deze derde zondag van de Advent. Deze woorden bepalen het karakter van de vreugdevolle verwachting van ‘zondag Gaudete’. Alles getuigt van de te verwachten grote vreugde en deze verwachting roept reeds vreugde op. Dat is ook liturgisch te zien aan het roze kazuifel en de bloemversiering bij het altaar.

Waarin bestaat dan die vreugde in de Heer? De geheel reine vreugde op aarde, waartoe de apostel ons oproept, is de ware blijdschap in de Heer, en kan dus slechts bestaan in betrekking tot deze laatste en definitieve vreugde van de hemel. Zij is namelijk het uitzicht en de vaste hoop op de eeuwige zaligheid en de voorsmaak van het zijn-bij-de-Heer. Het is deze vreugde die ook aan het geboortefeest van de Heer moet voorafgaan. Uiteindelijk moet zij het gehele christelijke leven bezielen, omdat dit leven op aarde een verwachting is van het toekomstige leven in de zaligheid van God.

In hoop zijn wij verlost, dierbare gelovigen. Ons leven op aarde is een leven in hoop, meer dan in bezit. Ook al hebben wij reeds de genade ontvangen, deze moet nog dagelijks verdedigd woorden en is op aarde nooit echt een onverwoestbaar bezit. Maar de genade geeft hoop om te bezitten. Deze hoop wordt niet beschaamd, omdat de liefde van God in onze harten is uitgestort door de Heilige Geest.

Onze hoop is in de Heer, en deze hoop is niet gebouwd op mensen. Juist daarom kan onze hoop de vaste basis zijn van een onverwoestbare vreugde, te midden van ons leven in strijd en smart. Het is niet zo – zoals de meeste mensen van onze tijd menen – dat het christendom alleen maar lasten oplegt, prettige dingen onmogelijk maakt en ieder plezier verbiedt door het als zondig te beschouwen. Zij zien het katholicisme als een soort verbods- en politie-godsdienst, en de katholieke gelovige als een onderdrukte mens.

Het katholicisme schenkt echter het eeuwige leven, en is een positieve volheid als geen andere. Het schenkt bevrijding door onze redder Jezus Christus, en vreugde, reeds hier op aarde. De gave van de geest bezitten wij reeds nu. Het onderpand, het waarachtige begin en de voorproef van de bovenaardse vreugde verkrijgen wij door nu op aarde, in dit leven, God lief te hebben.

Wie is waarlijk verheugd tenzij hij die bemint?, zo kunnen wij ons afvragen. Liefde schenkt blijdschap, zelfs in het lijden. Dit is het diepste geheim van de vreugde van de heiligen. Zij waren blij gestemd te midden van hun kwellingen, omdat zij Jezus liefhadden en wisten dat zij Hem daardoor als ware dienaars gelijkvormig waren geworden. Dit is, beminde gelovigen, een onaardse vreugde, die zichzelf vergeten is. En het is deze vreugde die de heilige Kerk in onze harten wenst op te wekken voor het Kerstfeest dat altijddurend zal zijn. Amen.

dinsdag 7 december 2010

7 december: Heilige Ambrosius, bisschop, belijder en Kerkleraar

In het jaar 340 werd Ambrosius te Trier uit Romeinse ouders geboren. Een legende vertelt dat er eens een bijenzwerm boven de wieg van Ambrosius zweefde. De bijen vlogen in zijn mondje en er druppelde honing naar binnen. Vandaar dat de latere beschermheilige van de imkers als bisschop zo honingzoet kon preken.

Na het overlijden van zijn vader, verhuisde het gezin naar Rome, waar Ambrosius zich voorbereidde op een ambtelijke loopbaan te Sirmium. De jonge Ambrosius ambieerde allesbehalve het bisschopsambt. Hij studeerde rechten en retorica, omdat hij politicus wilde worden. Zijn eerste publieke functie bekleedde hij in Sirmium, een stad gelegen in het huidige Slovenië. In 370 werd hij prefect van de twee provincies Liguria en Aemilia met als standplaats Milaan. In 373 werd hij door keizer Valentianus tot stadhouder van Noord-Italië benoemd. In zijn standplaats Milaan werd hij al spoedig een gerespecteerd en geliefd bestuurder.

Na de dood van de bisschop van Milaan trachtte Ambrosius de vrede te herstellen in het door theologische twisten verscheurde bisdom. Orthodoxe katholieken en Christus’ goddelijkheid loochende arianen streden om de lege bisschopszetel. Toen Ambrosius in 374 als neutrale waarnemer aanwezig was bij de turbulente bisschopsverkiezing in de kathedraal, viel plots de keus op hem. Iemand had geopperd: "Ambrosius als bisschop!" Prompt scandeerden de gelovigen dezelfde leus en werd Ambrosius bij acclamatie tot bisschop gekozen. Opmerkelijk, want Ambrosius was nog niet gedoopt; hij was slechts geloofsleerling.

Ambrosius ontving het doopsel en werd op 7 december tot bisschop gewijd. Na zijn wijding begon Ambrosius aan zijn theologiestudie. Al spoedig ontpopte hij zich tot een kundig priester, met een voorliefde voor de armen. Zijn populariteit was zo groot dat een menigte zich verdrong rond zijn werkvertrek, alleen maar om hem te zien lezen en bidden. Zo ook ene Augustinus uit Carthago, de latere bisschop van Hippo. Die was zo onder de indruk van Ambrosius, dat hij zich bekeerde tot het christendom en zich door hem liet dopen.

Ambrosius stelde het gezag van de Kerk boven de autoriteit van de keizer. Hij beval keizer Theodosius I in het openbaar boete te doen, nadat deze bij een opstand in Thessalonika zevenduizend personen in het circus ter dood had laten brengen. De bisschop ontzegde de machtige keizer zelfs de toegang tot de kathedraal. Later wist Ambrosius de keizer ertoe te bewegen alle heidense culten te verbieden. In 391 zou Theodosius het christendom zelfs tot staatsgodsdienst verheffen.

Sint Ambrosius stierf op paaszaterdag 4 april 397. Hij is de geschiedenis ingegaan als een onverschrokken herder en verkondiger van het Woord. Door zijn preken en catechetische geschriften verdiepte hij het katholieke geloof en droeg hij bij tot de verrijking van de theologische traditie. Ambrosius heeft steeds geijverd voor de zuiverheid van het geloof, voor de goede zeden, voor het kloosterleven en voor de eredienst. Hij dichtte Latijnse hymnen en voerde de beurtzang in. Tot de meest bekende behoort wel het 'Te Deum'.

Sinds 1298 wordt hij samen met Augustinus, Hiëronymus en Gregorius de Grote vereerd als Kerkvader van het Westen. Zijn relieken rusten in de Basilica di Sant’Ambrogio in Milaan.

De heilige Ambrosius is patroon van imkers, bijen en huisdieren.


zaterdag 27 november 2010

Gebed van paus Benedictus XVI voor het ongeboren leven

Heer Jezus, Die de Kerk en de mensengeschiedenis trouw met Uw aanwezigheid bezoekt en vertroost, Gij, Die ons in het bewonderenswaardige Sacrament van Uw Lichaam en Bloed laat delen in het goddelijk leven en ons reeds een voorsmaak geeft van de vreugde van het eeuwig leven, wij aanbidden en zegenen U.

Neergeknield voor U, Bron van het leven, Die van het leven houdt, en Die werkelijk en levend in ons midden zijt, wij smeken U:

Wek in ons de eerbied voor ieder ongeboren leven, maak ons bekwaam om in de vrucht in de moederschoot het bewonderenswaardige werk van de Schepper te zien, leg in ons hart de edelmoedige aanvaarding van elk kind dat tot leven komt.

Zegen de gezinnen, heilig de vereniging van de echtgenoten, maak hun liefde vruchtbaar.

Begeleid de wetgevende instanties bij het maken van hun keuzen met het licht van Uw Geest, opdat de volken en landen het sacrale karakter van het leven, van ieder menselijk leven, erkennen en eerbiedigen.

Leid het werk van wetenschappers en artsen, opdat de vooruitgang zal bijdragen tot het integrale welzijn van de mens en opdat geen enkele mens gedood zal worden of onrecht zal lijden.

Geef creatieve naastenliefde aan administratieve en financiële ambtenaren, opdat zij zullen aanvoelen welke middelen nodig zijn en ervoor zullen zorgen dat jonge gezinnen sereen kunnen openstaan voor de geboorte van nieuwe kinderen.

Troost de echtgenoten die lijden doordat zij geen kinderen kunnen krijgen en wilt Gij er in Uw goedheid in voorzien!

Leer ons zorg te dragen voor wezen en verlaten kinderen, opdat zij de warmte van Uw liefde, de troost van uw Goddelijk Hart, mogen ervaren.

Met Maria, Uw Moeder, de grote gelovige, in wier schoot Gij onze menselijke natuur hebt aangenomen, verwachten wij van U, ons enig en waarachtig Goed en onze Redder, de kracht om lief te hebben en het leven te dienen, in afwachting dat wij voor altijd in U, in de gemeenschap van de Allerheiligste Drie-eenheid zullen leven. Amen.


woensdag 17 november 2010

Preek voor de 25e zondag na Pinksteren

Missaal: Overgebleven zesde zondag na Driekoningen

Ik zal openbaren wat verborgen was vanaf de grondvesting der wereld.

Epistel
1 Tes. 1, 2–10
Broeders, wij brengen altijd dank aan God om uwentwil, en zonder ophouden blijven wij u indachtig in ons gebed; want wij herinneren ons uw werken van geloof, uw arbeid en liefde en uw volhardend vertrouwen op onze Heer Jezus Christus, voor het oog van God, onze Vader. Immers, broeders, van God bemind, wij weten, dat gij zijt uitverkoren; want onze prediking is tot u gekomen, niet alleen met woorden, maar ook met kracht en met Heilige Geest en met de volle overtuiging; gij weet immers, hoe ons optreden bij u geweest is om uwentwil. En gij zijt navolgers geworden van ons en van de Heer; gij hebt de prediking aangenomen onder veel verdrukking, maar met vreugde van de Heilige Geest; en zo zijt gij een voorbeeld geworden voor alle gelovigen in Macedonië en Achaie. Want van u uit is het woord des Heren verder verbreid, niet alleen in Macedonië en in Achaie; maar overal is uw geloof in God bekend geworden, zodat wij geen woord meer daarover hoeven te spreken. Zij zelf immers verhalen van ons, hoe wij bij u hebben gewerkt, en hoe gij tot God zijt bekeerd van de afgoderij om voortaan de levende en waarachtige God te dienen en zijn Zoon uit de hemel te verwachten, Die Hij uit de doden heeft opgewekt, Jezus, Die ons heeft ontrukt aan de toorn, die eens zal komen.

Evangelie
Mattheüs 13, 31–35
In die tijd hield Jezus de menigte de volgende gelijkenis voor: “Het rijk der hemelen gelijkt op een mostaardzaadje, dat iemand in zijn akker gaat zaaien. Het is wel het kleinste van alle zaden, maar als het is opgeschoten, is het groter dan alle andere moeskruiden; en het wordt een boom, zodat de vogels des hemels in zijn takken kunnen nestelen.” Nog een andere gelijkenis hield Hij hun voor: “Het rijk der hemelen gelijkt op zuurdeeg, dat door een vrouw wordt gebruikt en vermengd wordt onder drie maten meel, totdat dit geheel is gegist.” Dit alles sprak Jezus tot de scharen in gelijkenissen, en zonder deze sprak Hij niet tot hen. Zo werd vervuld, wat door de profeet voorzegd was: Ik zal Mijn mond openen in gelijkenissen, en openbaren, wat verborgen was van de grondvesting van de wereld af.

Preek
De goddelijke Redder kwam naar de wereld om ons de liefde van God te verkondigen. Dat wil zeggen: Hij kwam om ons te overtuigen van Gods goedheid. Door die overtuiging gesterkt zouden wij als vanzelf geneigd zijn God te beminnen. En waar de liefde eenmaal is gewekt staat de toegang open tot alle heldhaftigheid en tot de hoogste deugd, tot de volledige vestiging van Gods rijk in ons. De liefde steunt op Gods genade. Zij veronderstelt echter in het algemeen een zekere mate van kennis. Men kan wel vurig beminnen wat men nog niet goed kent, maar men kan geen liefde hebben voor wat men volstrekt niet kent. Dit geldt ook voor de relatie tussen onze ziel en God.

Vandaag wordt ons in het Evangelie het rijk Gods in gelijkenissen voorgesteld. Het wordt vergeleken met de groei van een mosterdzaadje. Uit deze gelijkenis wordt duidelijk dat er een enorme groeikracht zit in het rijk Gods wanneer het zaadje goed wordt opgenomen, en op die manier diep kan wortelen in onze menselijke natuur. Christus kondigt hier Zijn Evangelie aan onder de sluier van een gelijkenis. De boodschap van Christus is bestemd om de gehele wereld, van West tot Oost en van Noord tot Zuid, te vervullen. Overal zal Zijn zegenrijke kracht, Zijn verheven menselijke en Zijn bovennatuurlijke goddelijke kracht hen die Hem willen toebehoren vervullen.

Beminde gelovigen, het rijk Gods is in ons door Zijn heiligmakende genade, en Christus, de Heer, heerst in ons door de inwendige deugden van het hart, namelijk door geloof, hoop en liefde. Het rijk Gods bestaat in onze volledige overgave aan Zijn liefde en aan Zijn licht in alles wat wij doen en zijn. Wanneer alles in ons via verstand en wil op het goddelijke wordt afgestemd, wanneer wij met onze volledige kracht proberen Hem in alles te gehoorzamen, en Zijn genade – die Hij ons in alles aanbiedt – tegemoet komen, dan is het rijk Gods in ons gekomen.

Als wij ons in het rijk Gods laten opnemen en volledig tot dat rijk willen behoren, dan worden wij herschapen en herboren. Dan gaan wij over van de louter menselijke orde naar de goddelijke orde, voor zover dat voor een mens mogelijk is. Jezus, onze Redder, verstaat onder het rijk Gods in ons de ongebroken eeuwige levensgemeenschap met de Vader en Zichzelf in de Heilige Geest.

Beminde gelovigen, onze gemeenschap is met de Vader en de Zoon en de Heilige Geest. Deze gemeenschap wordt concreet werkelijkheid in ons wanneer de wil in ons zich sterk en zuiver verheft boven de wereld van zelfzucht en geweld, van zorg en vrees, naar God toe. Door een dergelijke houding zal alles van de goddelijke Wil worden vervuld.

Wij zijn Gods rijk op aarde als wij vol zijn van Zijn Geest en toetreden tot Zijn Kerk, en deze tot in ons diepste wezen aanhangen, haar liefhebben, heiligen en verbreiden. Dat is dus dáár waar de heiliging die wij door de Heilige Geest ontvangen zichtbaar wordt, namelijk in de gemeenschap van de heiligen, waartoe wij behoren door onze opname in het mystieke lichaam van de Kerk. Wij worden heilig door het volgen van de ene heilsweg, die Christus is. En daardoor zullen wij tot het rijk van God behoren. Amen.


maandag 25 oktober 2010

Preek uit de Requiemmis voor
de zeereerwaarde pater Karel Van Isacker S.J.


Een foto van de beminnelijke en zeer beminde pater dr Karel Van Isacker S.J.
was opgesteld op het priesterkoor van 'zijn' Sint-Michaëlskapel
tijdens de Requiemmis die op 14 september 2010
voor zijn zielenrust aan God werd opgedragen.
Gedenkt hem in uw gebeden!
Geachte familie, dierbare medebroeders in het priesterschap, geliefde broeders en zusters in Christus,

In Zijn onderricht tot het volk spreekt Onze Heer in het zesde hoofdstuk van Matteüs de volgende woorden uit: “… zoekt eerst het Koninkrijk en zijn gerechtigheid”. Iedere gelovige heeft krachtens zijn doopsel en vormsel de opdracht om in zijn leven het Koninkrijk van God de eerste plaats te geven. Als hij zijn geloof ernstig wil beleven, dient hij ervoor te zorgen om aan dit verlangen van de Heer tegemoet te komen en steeds meer en meer Christus Koning te laten zijn in zijn hart. Een merkwaardige gebeurtenis in het leven van de jongeman Karel Van Isacker – in de tijd dat hij poësisstudent was aan het jezuïetencollege van Aalst – zou ervoor zorgen dat hij van dan af een andere zin ging geven aan zijn leven. Het zou uiteindelijk leiden tot zijn intrede in de Jezuïetenorde, waardoor hij voortaan als religieus en later als priester op een ingrijpende wijze dit Koninkrijk van God in zijn leven de voorrang zal geven.

Pater Luc Michiels tijdens de homilie.
Dierbare gelovigen, in zijn latere loopbaan als professor geschiedenis aan de Handelshogeschool en de Ufsia te Antwerpen, kan nimmer de priester Van Isacker weggedacht worden. Wat bedoel ik daarmee? Doorheen zijn historische bedrijvigheid was hij als geen ander begaan met de teloorgang van de christelijke vroomheid in al haar facetten. Het moet hem ongetwijfeld pijn hebben gedaan dat – naarmate de jaren verliepen – Vlaanderen zich als maar meer en meer losrukte van haar christelijke wortels, hoe uit de harten van velen het katholiek geloof wegebde door de hang naar louter stoffelijke welvaart. Vanuit een grote liefde voor de Kerk en ons volk maande hij aan om de oude schatten van ons christelijk geloof niet door deuren en ramen weg te gooien en als Kerk niet mee te drijven op de golven van de tijdsgeest en de vluchtige mode om zo onvermijdelijk in een geestelijk braakland terecht te komen. Hij waarschuwde dat door verwereldlijking en ‘ontwijding’ de Kerk haar profetische kracht zou verliezen om zout der aarde te zijn voor het mensdom. Deze innige overtuiging deelde hij met Pater Damiaan De Veuster, de heilige van Tremelo, die in een van zijn brieven het volgende had neergeschreven: “Laten we ons niet schikken naar de beginselen van de wereld, noch haar goedkeuring of lofprijzing zoeken. We moeten er alleen mee omgaan voor zover het heil van de zielen dat vergt. … De wereld zal ons nooit méér eerbiedigen dan wanneer zij van onze geringschatting overtuigd is. Als wij haar ontvluchten, dan zal zij ons zoeken. Maar zoeken wij haar en trachten wij haar na te volgen, dan zal zij ons verfoeien en niet naar ons luisteren.” “…zoekt eerst het Koninkrijk en zijn gerechtigheid”.

Broeders en zusters, als gelovigen zijn wij geroepen om de gerechtigheid van het Koninkrijk Gods te zoeken. Als we Christus Koning laten zijn van ons leven, moet zich dat uiten in daden, daden van liefde en dienstbetoon. Bijbelse gerechtigheid is meer dan rechtvaardigheid: Wie zich ten diepste geraakt weet door de liefde van Onze Heer, kan niet anders dan die liefde uitdragen in de wereld rondom hem om zo de wereld door de liefde van Christus te transformeren. Zo had reeds de student Van Isacker zich in zijn collegejaren aangesloten bij een studentenbond met de veelbetekenende naam ‘Caritas’, die zich tot doel stelde om de liefde uit te dragen in de maatschappij. Voor professor Van Isacker was geschiedschrijving niet enkel en alleen een wetenschappelijke bedrijvigheid, ze was méér. Voor hem was zij een ‘magistra vitae’, een leermeesteres voor het leven: het heden kan slechts verstaan worden vanuit het verleden. Als gelovige historicus was hij zeer sociaal bewogen. Zijn boeken ‘Het Daensisme’, ‘De Antwerpse dokwerker’ en ‘De zaak Irma Laplasse’ bieden ons sociale geschiedenis van Vlaanderen aan, waarin de schrijver ons doorheen de feiten wijst naar onrechtvaardige mistoestanden en naar het onrecht dat de kleine en zwakke mens werd aangedaan. Met zijn werken ‘Het land van de dwazen’ en ‘Mijn land in de kering’ klaagt hij de welvaartsmaatschappij aan, waarbij de schoonheid van Gods schepping stelselmatig opgeofferd wordt aan de welvaart en de ongebreidelde hebzucht van de moderne mens.

Het heilig Misoffer wordt opgedragen voor de zielenrust van pater Van Isacker.

Dierbare broeders en zusters, we zijn vandaag Onze Lieve Heer dankbaar om het rijke en vruchtbare priesterleven van Pater Karel Van Isacker. Hier in deze kapel heeft hij zo vaak de heilige Mis opgedragen. Hier mocht hij telkens weer Zijn Heer ontmoeten en zich voeden met Zijn heilig Lichaam en Zijn kostbaar Bloed. In de wijze waarop hij de H. Mis celebreerde is hij voor ons, priesters, een voorbeeld geweest en voor menige christengelovige een ware wegwijzer naar het verheven mysterie van ons geloof. In het interview met Joos Florquin van het jaar 1977 getuigt Pater Van Isacker dat het christendom het meest fundamentele antwoord biedt op de diepste nood van de mens, namelijk de bevrijding uit de dood, de dood van het lichaam en de dood van de ziel, door deelname aan de mensgeworden God Jezus Christus. Hij is voor ons gestorven en verrezen op de derde dag en heeft zo voor ons mensen de toegang ontsloten tot het eeuwig leven. Vanuit dit geloof heeft Pater Karel Van Isacker geleefd en in dit geloof is hij ook gestorven. We bidden nu voor zijn zielenrust en we vragen God zijn trouwe dienaar op te nemen in de eeuwige heerlijkheid van Vader, Zoon en Heilige Geest. Amen.

Niel-bij-As, 14 september 2010
Pater Luc Michiels o.praem.,
pastoor te Kortenbos-Sint Truiden



De Sint-Michaëlskapel was te klein voor het toegestroomde aantal gelovigen.
Ook een aan de kapel gekoppelde tent was tot de laatste plaats bezet.

Subdiaken pater Jos Vanderbruggen o.praem. zingt het epistel.

Diaken pater Werner Barthel FSSP zingt het Evangelie.

Celebrant pater Gert Verbeken SJM wordt geflankeerd door diaken en subdiaken.

zondag 3 oktober 2010

Preek voor de negentiende zondag na Pinksteren


"Hoe zijt gij hier binnengekomen, zonder bruiloftskleed?"

Epistel
Efesiërs 4, 23–28
Broeders, vernieuwt u zelf wat uw geestelijke gesteltenis betreft, en bekleedt u met de nieuwe mens, naar Gods beeld geschapen in gerechtigheid en heiligheid, die voortvloeit uit de waarheid. Daarom moet gij de leugen afleggen en ieder tegenover zijn evenmens de waarheid spreken; want wij zijn ledematen ten opzichte van elkander. Als gij toornig wordt, zondigt dan niet; laat de zon over uw gramschap niet ondergaan. Geeft de duivel geen kans. Wie een dief was, moet zorgen voortaan niet meer te stelen; laat hij liever werken en met eigen handen nuttige arbeid verrichten om zo iets te hebben, dat hij kan geven aan iemand, die gebrek lijdt.

Evangelie
Mattheüs 22, 1–14
In die tijd richtte Jezus zich in gelijkenissen tot de opperpriesters en Farizeeën en sprak: “Het rijk der hemelen lijkt op een koning, die een bruiloftsmaal aanrichtte voor zijn zoon. En hij zond zijn dienaren uit, om de genodigden ter bruiloft te roepen, maar zij wilden niet komen. Opnieuw zond hij andere dienaren met de opdracht: Zegt aan de genodigden: Ziet mijn gastmaal staat gereed, mijn ossen en mestvee zijn geslacht, en alles is klaar: komt nu naar de bruiloft! Maar zij stoorden zich er niet aan en gingen heen, de een naar zijn landgoed, de ander naar zijn zaken; en weer anderen grepen zijn dienaren vast, mishandelden hen en bracht hen om het leven. Toen de koning dit hoorde, ontstak hij in toorn; hij zond zijn legers, verdelgde de moordenaars en stak hun stad in brand. Dan sprak hij tot zijn dienaren: Het bruiloftsmaal is wel gereed, maar de genodigden waren het niet waard. Gaat daarom naar de kruispunten van de wegen en roept allen ter bruiloft, die gij daar vindt. Zijn dienaren gingen heen naar de wegen en brachten allen, die zij vonden, bijeen, slechten zowel als goeden; en de bruiloftszaal werd met gasten gevuld. Toen nu de koning binnentrad om de gasten te zien, bemerkte hij er één zonder bruiloftskleed. Hij sprak tot hem: Vriend hoe zijt gij hier binnengekomen, zonder bruiloftskleed? Maar de ander stond sprakeloos. Toen zeide de koning tot zijn dienaren: Bindt hem handen en voeten, en werpt hem naar buiten in de duisternis: daar zal geween zijn en geknars der tanden. Want velen zijn geroepen, maar weinigen uitverkoren”.

Preek
“Velen zijn geroepen, maar weinigen zijn uitverkoren.”, zo lezen wij in het Evangelie van deze zondag. Dit korte gezegde van onze Zaligmaker, dat met de daaraan voorafgaande gelijkenis slechts in een los verband staat, is bedoeld om onze ernstige aandacht op te wekken. Wij kunnen hierbij aan die andere woorden van Jezus denken: “Gaat in door de enge poort, want wijd is de poort en breed de weg die tot het verderf leidt en velen zijn er die daardoor ingaan. Want eng is de poort en smal de weg die tot leven leidt en weinigen zijn er die hem vinden.” Er is een tijd geweest, niet zo lang geleden, dat men aan deze uitspraken van de Heer niet zo lichtvaardig voorbijging als de heersende hedendaagse pastoraal doet, zo lichtvaardig als wij dat zelf ook zouden willen doen.

Daarom zouden wij ons toch met recht kunnen afvragen of wij ons zo nu en dan niet door een oppervlakkig optimisme laten misleiden. Hebben de verschrikkelijke tijden waarin wij leven ons niets geleerd? Of hebben wij het gewoon geaccepteerd dat een ieder meent dat hij het recht heeft dat te doen wat hij best vindt, zonder gehoor te geven aan de Wil van de Heer en Schepper? Eén ding is zeker: de verantwoordelijkheid van hen die geroepen zijn is ontzettend groot. Op de allereerste plaats voor wat henzelf betreft. Wij, die de geroepenen bij uitstek zijn, die door Gods genade leven in de ene ware godsdienst, die het geloof hebben ontvangen en de liefde, aan wie het Woord Gods werd geschonken en de prediking van de Kerk, aan wie het Offer van Christus en de sacramenten werden toevertrouwd, wij mogen wel beseffen dat al deze gaven even zoveel verantwoordelijkheid betekenen. Deze genaden zijn talenten die God op de dag van ons persoonlijk oordeel met rente van ons zal terugvorderen.

En ook dit is zeker: God wil Zich van de geroepenen bedienen om ook de anderen te roepen. De Kerk moet een teken zijn voor de wereld, een schitterend en stralend teken van heiligheid, en niet – zoals vaak in onze tijd – een toneel van banale menselijkheid, alleen maar geconcentreerd en gericht op het tijdelijke. Neen, zo niet, want het leven van de kinderen van de Kerk moet een openbaring van Christus zijn; Christus, Die iedereen tot Zich wil trekken.

Beminde gelovigen, wanneer wij als gelovigen dit teken niet voorhouden en voorleven, zal de zonde van de wereld wellicht geringer zijn. Geringer omdat de waarheid die zonde niet onthult, maar onze schuld zal veel groter zijn, omdat wij de arme zondaren te gronde laten gaan zonder hun het Licht aan te bieden, het Licht dat Christus is. Dit geldt voor iedereen van ons en in nog hogere mate voor de Kerk als heilsinstituut en drager van de geopenbaarde waarheid.

Wanneer het waar is dat de mensheid ten onder gaat aan haat en tuchteloosheid, dat zij de glorie van God heeft ingeruild, niet eens voor een afgodsbeeld, maar voor de verafgoding van zonde en hedonistische plezierzucht, dan zijn wij, katholieken, meer dan ooit tevoren geroepen om Christus en Zijn geopenbaarde waarheid aan de wereld te verkondigen. Deze tijd vraagt van ons dat wij serieus leven en een nederige houding aannemen ten opzichte van het leergezag van de Kerk. Als wij de leer van de Kerk of haar goddelijke inrichting ter discussie stellen, dan maken wij de Kerk nog meer onzichtbaar als de weg van God die naar Hem leidt. Laten wij ons daarom bevrijden van elke moderne aanhankelijkheid aan kritiek en activisme en beginnen wij de weg te bewandelen waartoe God ons heeft geroepen, tot heil van ons en als voorbeeld voor de verdwaalden. Amen.


woensdag 29 september 2010

Gebed tot de Heilige Aartsengel Michaël


Sancte Michaël Archángele, defende nos in praelio; contra nequitiam et insidias diaboli esto praesidium. Imperet illi Deus; supplices deprecamur: tuque, Princeps militiae caelestis, Satanam aliosque spiritus malignos, qui ad perditionem animarum, pervagantur in mundo, divina virtute in infernum detrude. Amen.

Heilige Aartsengel Michaël, verdedig ons in de strijd; wees onze bescherming tegen de boosheid en de listen van de duivel. Wij smeken ootmoedig dat God hem Zijn macht doe gevoelen. En gij, vorst van de hemelse legerscharen, drijf Satan en andere boze geesten, die tot verderf van de zielen over de wereld rondgaan, door de goddelijke kracht in de hel terug. Amen.

dinsdag 21 september 2010

Preek ter gelegenheid van het 65-jarig priesterjubileum
van prof. dr Karel Van Isacker S.J.


Dierbare jubilaris,

Vijfenzestig jaar geleden bent u tot priester gewijd en deze avond vieren wij samen met u dit briljanten jubileum in deze Sint-Michaëlskapel, die u zo dierbaar is. In trouwe dankbaarheid en in dankbare trouw gedenkt u het grote geschenk van de priesterwijding, dat u door Gods genade hebt mogen ontvangen. Bij gelegenheid van de sluiting van het jaar van het priesterschap op vrijdag 11 juni heeft paus Benedictus het in zijn homilie nog eens herhaald: “Het priesterschap is niet slechts ambt, het is sacrament. Het priestersacrament deelt met de andere sacramenten dat het genadegave is. Priester zijn is een gave en een mysterie, een onverdiende gave.”

Een plechtige Hoogmis,
waarbij de priester geassisteerd werd
door diaken en subdiaken.

Bij de priesterwijding bidt de Kerk in het wijdingsgebed: “Hernieuw in hen de Geest van heiligheid. Geef, God, dat zij trouw blijven aan het ambt, dat zij uit Uw hand ontvangen. Hun leven moge voor allen aansporing en richtsnoer zijn.” “Hernieuw in hen de Geest van heiligheid”. Het fundament van onze priesterwijding is het doopsel. In dit sacrament werd ons de Geest van heiligheid geschonken. Daarom zijn we als priesters onze ouders zo dankbaar dat zij ons destijds hebben laten dopen. De priesterwijding is een radicalisering van deze heiligheid. De priester behoort niet alleen Christus voor te leven die hij tevens in de sacramenten en de prediking vertegenwoordigt. Hij behoort daarenboven als eerste Gods heiligheid te zoeken en gestalte te geven. De zalige priester Poppe schrijft hierover zeer treffend aan zijn medebroeders in het priesterambt: “Vast en zeker: de priester is een andere Christus. Als een tweede Christus moeten wij inwendig zijn, en toch uitwendig verschijnen bij de mensen; dat wil zeggen: geen gewone priesters zijn maar heiligen!”

De priester moet juist in onze dagen allereerst Gods heiligheid pogen voor te leven. Hij behoort niet mee te gaan met de gewoonte van de dag en het gemak van de dag, maar hij behoort daartegenover Christus gestalte te geven. Jezus’ opdracht – “Gaat uit over de gehele wereld en maakt alle mensen tot Mijn volgelingen” (Mt. 28, 19) – beduidt geen aanpassing aan de wereld en geen opgaan in de wereld, maar bekering van de wereld en binnenvoeren in Gods mysterie en de mens uit het profane opheffen naar het sacrale. Het is eigen aan het christendom – zoals bij gist of zout of het mosterdzaadje – om niet samen te vallen met de wereld, maar de wereld te doordringen. Wat blijft over van religie wanneer het heilige ontbreekt? Geachte jubilaris, is dit niet doorheen de jaren van uw verblijf alhier uw grote betrachting geweest?

Aan de kapel was een grote tent bevestigd om plaats te bieden aan de vele, van heinde en verre toegestroomde gelovigen.

Priester worden in de Kerk betekent binnentreden in de zelfgave van Christus. Naar het voorbeeld van de Goede Herder is elke priester geroepen om zijn leven te geven voor zijn schapen. De priester die veel en goed bidt, wordt steeds meer van zichzelf ontdaan en steeds meer verenigd met Jezus, de Goede Herder en de Dienaar van allen. Zo wordt hij ‘oblatio pro fratribus’ of om het met de woorden van de dichteres te zeggen: “Heer, het hart van Uw priester is hostie met U.” Uw ordestichter en geestelijke vader Sint Ignatius van Loyola bad steeds met grote vurigheid: “O welbemind Woord van God, leer mij edelmoedig te zijn en U te dienen, zoals Gij het waardig zijt: Leer mij te geven zonder te tellen, strijden zonder mij om wonden te bekommeren, arbeiden zonder rust te zoeken, mij geheel en al weg te schenken, zonder enig ander verlangen dan het bewustzijn Uw heilige Wil in alles te volbrengen.” Zoeken mensen niet de priester die nederig is, oprecht bidt en in verbondenheid met God leeft? Deemoed leert bidden. En is de biddende priester niet nog wervender dan de handelende priester? Laat hij evengoed beide doen. Maar laat hij daarom biddend handelen maar nooit handelen zonder te bidden.

Ook in de tent werd aan een extra communiebank
de heilige communie uitgereikt.

Wij priesters moeten allereerst terugkeren naar bidden, leven met Christus, God danken en prijzen, Hem beluisteren en Hem alles voorleggen wat ons beweegt. Moge iedere priester beleven wat hij leert en doen wat hij verkondigt. Moge zijn leven volledig samenvallen met zijn ambt. Laat hij eigen zwakheid beseffen in vertrouwen dat Gods genade hem zal vullen. Laat hij dienen zoals Christus heeft gediend.

Dierbare jubilaris, zeer eerwaarde pater Van Isacker, vandaag dank ik met de velen hier aanwezig van harte de Heer om het getuigenis van uw priesterschap, om de grote eenvoud en hartelijkheid en het toegewijd geloof waarmee gij als ware zoon van Sint-Ignatius uw priesterambt vervult. Uw trouw aan het geloof van onze vaderen en uw gehechtheid aan ons Vlaamse volk zijn voor velen tot op de dag van vandaag een lichtbaken op hun levensweg.
Samen met hen bid ik dat God u op deze dag royaal moge zegenen!

Niel-bij-As, 24 augustus 2010

Pater Luc Michiels o.praem.,
pastoor te Kortenbos-Sint Truiden



De aanwezige priesters verzameld voor een groepsfoto buiten de kapel.


zondag 19 september 2010

Preek voor de zeventiende zondag na Pinksteren


Epistel
Efesiers 4, 1–6
Broeders, ik, die boeien draag omwille van de Heer, ik bid u, wil toch een leven leiden, dat in overeenstemming is met de roeping, die gij ontvangen hebt. Wilt in alle nederigheid en zachtmoedigheid, met geduld elkander liefdevol verdragen, vol ijver om de eenheid des geestes te bewaren in de band des vredes. Eén lichaam en één geest, zoals gij geroepen werd met één en hetzelfde vooruitzicht van deze roeping. Eén Heer, één geloof, één doopsel. Eén God en Vader van allen, Die boven allen en door alles en in ons allen is; Die gezegend is in de eeuwen der eeuwen. Amen.

Evangelie
Mattheüs 22, 34–46
In die tijd kwamen de Farizeeën bij Jezus, en een van hen, een wetgeleerde, trachtte Hem op de proef te stellen door Hem te vragen: “Meester, wat is het grootste gebod in de Wet?” Jezus antwoordde hem: ”Gij zult de Heer, uw God beminnen uit geheel uw hart en met geheel uw ziel en geheel uw verstand. Dat is het grootste en eerste gebod. En het tweede is daaraan gelijk: gij zult uw naaste beminnen als u zelf! Op deze twee geboden berust de gehele Wet en de profeten.” Terwijl nu de Farizeeën bij elkander stonden, stelde Jezus een vraag aan hen: “Wat denkt u van Christus? Van wie is Hij de Zoon?” Zij antwoordden Hem: “Van David.” Hij zeide hun: “Hoe komt het dan, dat David in de Geest Hem ‘Heer’ noemt, als hij zegt: de Heer zeide tot mijn Heer; zit neder aan Mijn rechterhand, tot Ik Uw vijanden neerleg als een voetbank voor Uw voeten. Als nu David Hem ‘Heer’ noemt, hoe is Hij dan zijn Zoon?” En niemand was in staat Hem daarop een antwoord te geven; en van die dag af waagde het ook niemand meer om Hem nog vragen te stellen.

Preek
Op grond van een eeuwig raadsbesluit zijn wij allen persoonlijk door God geroepen. Elke christen is door God geroepen tot een leven in de genade, die wij bezitten vanaf ons doopsel, dat de roeping tot de hemelse glorie in zich sluit. Wij zijn dus geroepen tot een steeds dieper christelijk leven. Mogen wij toch erkennen hoe verheven deze roeping is. Paulus noemt zijn gelovigen “geroepenen, heiligen, uitverkorenen”. In de sleur van het dagelijks leven gaat het volledige besef van deze verheven roeping dikwijls verloren, met ernstige consequenties voor de toestand van onze in het doopsel geheiligde ziel.

De heilige apostel Paulus spreekt bij voorkeur over onze hemelse roeping. Inderdaad, God roept ons vanuit de hemel tot de hemel, ons eigenlijke vaderland en levensdoel waarvoor wij geschapen en bestemd zijn, en die wij alleen kunnen bereiken door het getrouw volgen van onze roeping. Daarom en ondanks alles moet ons leven hier op aarde een hemels leven zijn, en een karakter dragen dat ontstijgt aan de aarde.

Het allerschoonste dat hierover gezegd kan worden lezen wij wederom bij de apostel als hij ons in de Paastijd vermaant: “Als gij met Christus verrezen zijt, zoekt dan ook wat hierboven is, waar Christus is, gezeten aan Gods rechterhand. Weest bedacht op wat daarboven is en niet op het aardse, want gij zijt dood en uw leven is met Christus verborgen in God”.

Beminde gelovigen, als wij onze roeping oprecht en ernstig nemen , dan moet deze vermaning ons ter harte gaan en onze wil moet zich verheffen tot een heroïsche overwinning van de gevaren van ons aardse bestaan. Door deze overwinning wordt de vrijheid geschapen die het mogelijk maakt om Gods roeping te beantwoorden met een overgave van ons leven aan Zijn wil. De woorden van het epistel moeten ons daarom als een trompetstoot in de oren klinken: “Leeft uw roeping waardig, leeft op het niveau, op de hoogte van uw roeping”.

Onderzoeken wij dus onszelf, om duidelijkheid te verkrijgen over wat ons leven vervult. Zoek ik meer wat het aardse te bieden heeft, of ben ik conform mijn roeping op zoek en bedacht op het hemelse? Het hemelse wordt bereikt door voortdurend gebed, door verzaking aan egoïstische en onordentelijke neigingen die zijn overgebleven van de gevallen menselijke natuur, en door het oefenen van een heldhaftige naastenliefde.

Beminde gelovigen, het bewustzijn van onze hemelse roeping mag geen hooghartige geslotenheid met zich meebrengen. De geroepenen en uitverkorenen van Jezus Christus staan open voor hun medemensen, allereerst voor hun mede-christenen. Maar deze betrekkingen tot de naaste krijgen door onze hemelse roeping een ander karakter. Deze betrekkingen moeten delen in de hemelse aard van onze roeping, en niet langer gebaseerd zijn op louter natuurlijke gronden en motieven. Zij moeten verheven zijn door de christelijke liefde die Jezus Christus ziet en zoekt in de naaste, en die deze naaste wil brengen tot God, het enig Heil voor ons mensen.

Geef ons, o heilige Moeder van God, door uw milde voorspraak, dat wij steeds meer gelijken op uw Zoon, doordat wij hier op aarde een hemels leven leiden. Amen.

woensdag 15 september 2010

15 september: Zeven Smarten van Maria


De dag na het feest van Kruisverheffing gedenkt de Kerk de zeven smarten van Maria. Op veel iconen wordt Onze Lieve Vrouw van Zeven Smarten afgebeeld als vrouw wier hart door zeven zwaarden wordt doorboord.

De zeven smarten van Maria zijn:
1. De profetie van Simeon in de tempel bij het opdragen van Jezus
2. De vlucht naar Egypte
3. Het zoek raken van Jezus in de tempel
4. Ontmoeting van Maria met Jezus op weg naar de Calvarieberg
5. Maria staat onder Jezus' kruis
6. Maria omhelst Jezus' dode lichaam na de kruisafname
7. Jezus wordt begraven

De heilige Mis op deze gedachtenis heeft een eigen sequentie: het Stabat Mater:

Stabat mater dolorosa, Juxta crucem lacrymosa, Dum pendebat Filius.
Cujus animam gementem, Contristatem et dolentem, Pertransivit gladius.
O quam tristis et afflicta, Fuit illa benedicta, Mater Unigeniti.
Quae maerebat et dolebat, Pia Mater, dum videbat (et tremebat), Nati pœnas incliti.

Hieronder kunt u een deel beluisteren uit het Stabat Mater van Antonio Vivaldi:



dinsdag 14 september 2010

Plechtig Requiem op dinsdag 14 september 2010 om 19.00 uur

In paradisum deducant te angeli

Professor dr. Karel van Isacker S.J.

* 26 juni 1913
+ 25 augustus 2010

Op dinsdag 14 september 2010 om 19.00 uur zal er in onze kapel een plechtige Requiemmis met assistentie van diaken en subdiaken worden opgedragen volgens de buitengewone vorm van de Romeinse ritus (Tridentijns).

De gregoriaanse gezangen zullen worden verzorgd door de Schola Cantorum uit Achel.


Hieronder kunt u de sequentie 'Dies Irae' uit de Requiemmis beluisteren:



woensdag 8 september 2010

Kerk & Leven over pater Van Isacker: Criticus van de teloorgang


Een fragment van het artikel in Kerk & Leven.
Het tijdschrift Kerk & Leven besteedt in de editie van vandaag, 8 september, op pagina 10 aandacht aan het leven en werk van pater Van Isacker. Onder de kop "Criticus van de teloorgang" wordt het volgende artikel opgetekend:

Jezuïet Karel Van Isacker (1913-2010),
historicus en voorvechter van de traditie


In Niel-bij-As in Limburg overleed op 25 augustus de 97-jarige jezuïet en historicus Karel Van Isacker. De dag voordien werd nog zijn 65-jarig priesterjubileum gevierd met een druk bijgewoonde Latijnse heilige Mis volgens de oude ritus. De ernstig zieke pater Van Isacker was zelf niet meer in staat de plechtigheid mee te maken.
Van de bisschop van Hasselt had de markante geestelijke jaren geleden al de toestemming gekregen om in een tot kapel verbouwde schuur de Tridentijnse mis te celebreren. Karel Van Isacker, die in 1989 een kritisch essay uitbracht over de teloorgang van de liturgie, trok in het Limburgse dorp van heinde en verre gelovigen aan die op zoek waren naar de heiliging en wijding van weleer. Rond zijn figuur ontstond Aldus een kring van met Rome verbonden traditionalisten.
Pater Frans Mistiaen van de Vlaamse jezuïetenprovincie wil van zijn confrater vooral het beeld bewaren van de bevlogen geschiedkundige die aan de Antwerpse Handelshogeschool Sint-Ignatius (later Ufsia) generaties intellectuelen heeft gevormd.
Pater Mistiaen: “Dat hij zich op hoge leeftijd verbond met een gemeenschap die het geloof traditionalistisch wil beleven, behoort tot de vrijheid waarover een dergelijke grote persoonlijkheid beschikt. Van de sociëteit kreeg hij altijd de kansen om zijn talenten te ontwikkelen en te zeggen en te schrijven wat hij wilde.”
Na zijn vorming werd Karel Van Isacker, de zoon van een katholieke minister, in 1949 hoofdredacteur van De Vlaamse Linie. Hij gaf het katholieke blad een Vlaamsgezinde toets. Frans Mistiaen: “Het blad was bedoeld om het katholieke gedachtegoed te vertolken, zeg maar het Tertio van die tijd. Zijn flamingantisme mag je niet politiek verstaan. Het ging hem om culturele ontvoogding.”
Vanaf de jaren 1950 doceerde Van Isacker moderne geschiedenis en werd hij ruim bekend door zijn historische studies over het Daensisme, over de strijd van de Antwerpse dokwerkers en over het politieke leven in de negentiende eeuw. „Opmerkelijk in zijn werk was de koppige verdediging van de kleine, Vlaamse, man en vrouw”, meent pater Mistiaen. “Bekend is ook zijn strijd voor eerherstel van Irma Laplasse.” Deze vissersvrouw werd in 1945 wegens collaboratie terechtgesteld. Het tweedelige Mijn land in de kering, 1930-1980 is een voorbeeld van subjectieve geschiedschrijving. Van Isacker beschrijft er de ontworteling van onze samenleving: “Er is slechts kans op een toekomst, als de mens erin slaagt te breken met de doem van een bestaan dat op louter stoffelijke welvaart is gericht.”
Karel Van Isacker was ook peter van Doel 2020, de actie om het polderdorp te behouden. Lang vóór de opkomst van de groene beweging was hij overtuigd dat milieuverloedering ons geestelijke leven in gevaar brengt.

maandag 6 september 2010

Plechtige Hoogmis op het feest van Maria Geboorte


Woensdag 8 september a.s. viert de Kerk het feest van de geboorte van de heilige maagd Maria.

Wij vieren het feest in onze kapel met een plechtige Hoogmis die om 19.00 uur begint.

Tezamen met Jezus Zelf en de H. Johannes de Doper behoort Maria tot de weinigen van wie óók de geboortedag wordt gevierd. Het feest werd het eerst gevierd in het oosten, sinds de zesde eeuw, onder invloed van het concilie van Efese (431), waar Maria officieel tot ‘Moeder van God’ (‘Theotokos’) werd uitgeroepen. Paus Sergius I († 701) voerde het in voor de Kerk van Rome, en in de elfde eeuw was het verspreid over de gehele Kerk.

Historisch gesproken is niet bekend op welke dag Maria is geboren. Er is gekozen voor 8 september, omdat op deze dag ergens in de vijfde of zesde eeuw te Jeruzalem een Sint-Annakerk werd ingewijd, op de plek waar Maria waarschijnlijk is geboren.

donderdag 2 september 2010

Bidprentje bij het overlijden van pater Karel Van Isacker S.J.

Bij het overlijden van de eerwaarde pater professor dr Karel Van Isacker S.J. is het volgende bidprentje uitgegeven.
(Klik op de voor- of achterzijde voor een vergroting.)

Voorzijde van het bidprentje

Achterzijde bidprentje

Condoleancebericht van aartsbisschop mgr André-Jozef Léonard

Mgr André-Jozef Léonard,
aartsbisschop van Mechelen-Brussel

Bij het overlijden van pater Karel Van Isacker S.J. heeft zijne hoogwaardige excellentie mgr André-Jozef Léonard, aartsbisschop van Mechelen-Brussel en primaat der Nederlanden, het volgende condoleancebericht doen uitgaan:


Dierbare familie,
Beste vrienden,

Ik verneem het overlijden van uw dierbaar familielid en vriend, Prof. dr. Karel van Isacker S.J., en bied u mijn oprechte gevoelens van christelijke deelneming aan.

In verbondenheid met u en met de velen die in hem de Goede Herder mochten ontmoeten, dank ik de Heer voor de gave van zijn leven. Ik bid dat hij nu mag thuiskomen bij de Vader en, verbonden met wie hem zijn voorgegaan, ten beste mag spreken voor u en voor de Kerk.

Met mijn gevoelens van hartelijke toewijding in Christus,

André-Jozef Léonard
Aartsbisschop Mechelen-Brussel


maandag 30 augustus 2010

Uitvaart pater Karel Van Isacker S.J.


Voor de op 25 augustus 2010 overleden pater Karel Van Isacker S.J. zal een Eucharistieviering worden opgedragen op dinsdag 31 augustus a.s. om 11.00 uur in de Jezuïetenkerk aan de Waversebaan 220, 3001 Heverlee.

Aansluitend vindt de begrafenis plaats op het Jezuïetenperk van begraafplaats 'De Jacht' te Heverlee (Leuven).

Dinsdag 14 september 2010 om 19.00 uur zal er een plechtige Requiemmis worden opgedragen volgens de buitengewone vorm van de Romeinse ritus (Tridentijns) in de Sint-Michaëlskapel aan de Caelenbergstraat 40 te Niel-bij-As.

Zie: Professor dr Karel Van Isacker S.J. overleden op 25 augustus 2010.

zondag 29 augustus 2010

Reacties na het overlijden van pater Karel Van Isacker S.J.

Het overlijden van pater Karel Van Isacker S.J. heeft veel reacties losgemaakt. De volgende condoleance-berichten zijn op deze website achtergelaten. Ook u kunt een reactie plaatsen. Er kan enige tijd zitten tussen het moment waarop u uw reactie verstuurt en de plaatsing ervan.

Anoniem zei:
Rust in vrede, Herder.
U was een lichtbaken in ''Uw land in de kering''...
28 augustus 2010 13:48

Anoniem zei:
Christelijke deelneming.
Een groot verlies voor de Vlaamse Kerk.
Lybeer-Vroman
26 augustus 2010 20:17

Familie Grauls en Franssens zei:
Innige deelneming van de familie Grauls (Jean en Thilde) en Franssens uit Opglabbeek. Dat hij de rust mag vinden die hij doorheen de vele, lange jaren heel zeker heeft verdiend!
26 augustus 2010 18:43

paula zei:
Deze tekst van Monseigneur Vladimir Ghika geeft in zijn diepste diepte het rijk en liefdevol leven weer van Pater van Isacker:
Quand "le jour baisse",
on ne reconnaît plus les disciples,
comme leur Maître, qu'à la façon dont ils rompent,
en le sacifiant pour leurs frères,
le pain vivant de leur corps.
"Ten paradijze geleiden U de Engelen".
26 augustus 2010 17:18

Anoniem zei:
26 Augustus
Vanuit het verre Papua Nieuw Guinea mijn christelijke deelneming.
Moge hij de Heer aanschouwen en verblijven in zijn Liefde, Vrede en Vreugde.
Gemma Meermans
26 augustus 2010 11:50

jbartnik@sympatico.ca zei:
Vanuit het verre Canada
Per E-post bereikt mij het droevige bericht van het tragische overlijden van pater jezuiet Karel van Isacker. Mag ik hierbij mijn innigste deelneming voegen aan het verdriet dat de mensen van As en omgeving treft, alsook gans Vlaanderen.
Rest in peace, gij grote christelijke herder.
John Bartnik
25 augustus 2010 23:48

Anoniem zei:
We voelen ons verweesd in menig opzicht.
R.I.P.
25 augustus 2010 21:24

Anoniem zei:
Een groot mens is van ons heengegaan.
25 augustus 2010 20:35

Anoniem zei:
Ik heb mij veroorloofd deze tekst integraal over te nemen naar aanleiding van het heengaan van de pater op mijn blog www.angeltjes.be
Met veel dank en respect
25 augustus 2010 20:04

Luc Daems zei:
Weer is in ons arme Vlaanderen een vooraanstaand en verdienstelijk man en priester van ons heengegaan.
Maar laten we het geloof en de hoop behouden dat eens in Vlaanderen jongere generaties van waarachtige priesters zullen opstaan.
Moge pater Van Isacker rusten in de vrede van God.
Ook onze christelijke deelneming voor Dine.
25 augustus 2010 18:27

Ben zei:
Gecondoleerd met het overlijden van deze ware priester van God. Ik had naar het priesterjubileum willen komen maar ben er spijtig genoeg niet geraakt. Gelukkig heb ik hem vorige zondag nog even kunnen zien.

Alleen maar door naar hem te kijken werd ik gesterkt in mijn mogelijke roeping tot het traditionele priesterschap. Moge de Heer hem opnemen in het nieuwe Jeruzalem. Hij heeft de goede strijd gestreden; moge hij nu in vrede rusten.

Requiem aeternam dona eis, Domine, et lux perpetua luceat eis.

Ben
25 augustus 2010 16:36

Anoniem zei:
Requiem aeternam, dona eis, Domine,et lux perpetua luceat eis.
Een vroom priester ging heen, trouw aan zijn volk en zijn H. Geloof.
25 augustus 2010 16:31


donderdag 26 augustus 2010

Nieuw: Video's over pater Van Isacker

Boven aan deze site treft u een nieuw tabblad aan: Video's. Hieronder zijn enkele video's geplaatst over pater Karel Van Isacker S.J.

Voorlopig staan er twee items:
1. Bericht in Het Journaal over de Tridentijnse Mis naar aanleiding van het pauselijk motu proprio 'Summorum Pontificum' (2007).
2. Ten huize van Karel Van Isacker (1977).


Een gedicht over Karel Van Isacker

Hij doceerde
met hart en ziel,
hij legde alles zo concreet mogelijk uit
met handen en voeten,
hij deed dat in een waardige taal,
eerlijk en oprecht,
hij bleef trouw aan zijn jezuïetenideaal.

Hij blijft voortleven
in het hart van zijn studenten,
van vele gewone mensen,
die hij altijd een warm priesterhart toedroeg
en
in zijn talrijke werken.

Als historicus
bleef hij geloven, hopen en liefhebben
in en op het ondefinieerbare leven aan de overkant.

joz. le bruyn

Bron: Weblog Zonnehart 2008


Gedachtenisprentje 65-jarig priesterjubileum
pater Karel Van Isacker S.J.

"Die in Mij gelooft zal leven al is hij gestorven":
zo spreekt maar Deze Die vieren laat
wat louter Zijn liefdeleed ons voorgoed heeft verworven.

Ter gelegenheid van mijn vijfenzestigjarig priesterschap

Karel Van Isacker S.J.
24 augustus 1945 - 24 augustus 2010

woensdag 25 augustus 2010

Professor dr Karel Van Isacker S.J. overleden op 25 augustus 2010



Op woensdag 25 augustus 2010 om 13.00 uur is, voorzien van het H. Oliesel, op 97-jarige leeftijd overleden de zeereerwaarde pater

Karel Van Isacker
priester in de Sociëteit van Jezus








Gisteren is in zijn geliefde Sint-Michaëlskapel zijn briljanten (65-jarig) priesterjubileum gevierd. Vandaag - op de herdenkingsdag van zijn eerste heilige Mis - heeft zijn hemelse Vader hem thuisgeroepen.

Bidden wij voor de zielenrust van onze innig geliefde pater:

God, Die onder de apostolische priesters Uw dienaar Karel Van Isacker met priesterlijke waardigheid hebt bekleed, geef, vragen wij, dat hij nu voor eeuwig in hun gezelschap mag worden opgenomen. Door onze Heer Jezus Christus, Uw Zoon, Die met U leeft en heerst in de eenheid van de Heilige Geest, God, door alle eeuwen der eeuwen. Amen.
Heer, geef hem de eeuwige rust. Dat hij mag rusten in vrede. Amen.


Nadere berichten omtrent de uitvaart volgen op deze website. Indien u dat wenst kunt u hieronder (door te klikken op 'reacties') een condoleancebericht achterlaten.

maandag 23 augustus 2010

Prof. dr Karel Van Isacker SJ: 65 jaar arbeider in Gods wijngaard


Pater Karel Van Isacker SJ: 65 jaar priester

Op 24 augustus 2010 zal het 65 jaar geleden zijn dat de hooggeleerde zeereerwaarde pater Karel Van Isacker S.J. de priesterwijding ontving.

We vieren dit briljanten jubileum met een feestelijke Hoogmis uit dankbaarheid. Deze Hoogmis met assistentie van diaken en subdiaken wordt op dinsdag 24 augustus om 19.00 uur opgedragen in onze kapel. De gregoriaanse gezangen zullen worden verzorgd door de Schola Cantorum uit Achel.

Onze dankbaarheid jegens God vanwege dit jubileum kan niet beter worden uitgedrukt dan met de oude hymne 'Te Deum laudamus'. In onderstaande video wordt deze hymne gezongen tijdens een bezoek van Zijne Heiligheid paus Benedictus XVI aan de Notre Dame in Parijs.



zondag 22 augustus 2010

Preek voor de dertiende zondag na Pinksteren

Epistel (Gal. 3, 16-22)
Broeders, aan Abraham werden de beloften aangekondigd, en aan zijn zaad. Er staat niet: "en aan zijn nazaten", alsof er sprake was van velen; maar als van één: "en aan uw zaad", en dat is Christus. Nu is dit mijn bedoeling: een wilsbeschikking, die door God Zelf rechtsgeldig is tot stand gekomen, wordt door de Wet, die vierhonderdendertig jaar later is ontstaan, niet ongedaan gemaakt, zodat de belofte niet meer van kracht zou zijn. Niettemin, als de erfenis voortvloeit uit de Wet, wordt zij niet verkregen krachtens belofte. En toch, aan Abraham heeft God Zijn gunst bewezen door belofte. Waarvoor diende dan de Wet? Omwille van de overtredingen werd zij gegeven, totdat het zaad zou komen, waaraan Hij de belofte verbonden had; en zij werd uitgevaardigd door engelen door tussenkomst van een middelaar. Een middelaar nu treedt niet op bij één persoon. God echter is één. Is de Wet dus in strijd met de belofte van God? – Volstrekt niet; want indien er een wet gegeven was, die bij machte was het leven mee te delen, dan zou inderdaad de gerechtigheid voortkomen uit de Wet. Maar de Schrift heeft nu eenmaal alles onder de macht van de zonde gesteld, opdat de belofte aan degenen, die geloven, in vervulling zou gaan door het geloof in Jezus Christus.

Evangelie (Lc. 17, 11-19)
In die tijd trok Jezus op Zijn reis naar Jeruzalem door het grensgebied van Samaria en Galilea. En toen Hij een zeker dorp wilde binnengaan, kwamen er tien melaatsen naar Hem toe, die op een afstand bleven staan en met luider stem riepen: Jezus, Meester, heb medelijden met ons. En zodra Hij hen zag, sprak Hij: Gaat heen en vertoont u aan de priesters! Nu geschiedde het, dat zij onderweg gereinigd werden. En een van hen ging terug, zodra hij bemerkte, dat hij gereinigd was, terwijl hij God verheerlijkte met luider stem; en hij wierp zich op zijn aangezicht neder aan Zijn voeten en dankte Hem. En deze was een Samaritaan. En Jezus nam het woord en zei: Zijn er geen tien genezen? Waar blijven dan de negen anderen? Niemand is er gevonden, die terugkeerde en eer gaf aan God, behalve deze vreemdeling! En Hij sprak tot hem: Sta op en ga heen; want uw geloof heeft u redding gebracht.

Preek
Toen Jezus een dorp binnenging kwamen tien melaatsen Hem tegemoet en zij riepen: “Jezus, meester, ontferm U onzer.” Jezus ontfermde zich over hen, maar nadat zij genezen waren, kwam er slechts een terug om God te danken en deze was een Samaritaan, iemand die voor de joden een vreemdeling was en onrein. De negen anderen, van het uitverkoren volk van de joden, bleven weg.

Beminde gelovigen, de Kerk is de verzameling van vreemdelingen en onreinen die zijn vrijgekocht en gereinigd in het Bloed van Christus. De Kerk is niet – zoals de joden dat wel waren – een etnisch volk, maar de Kerk is door de genade een volk geworden, een door God verzameld volk dat bestaat uit diegenen die Hem lofprijzen in het mystieke lichaam van Zijn Zoon Jezus Christus. Wij, die door Gods genade deel uitmaken van het nieuwe uitverkoren volk, de Kerk, wij zijn door de doop en het geloof de geliefden Gods geworden, geroepen om heiligen te worden. Wij, die in het bad van de wedergeboorte gereinigd zijn van de sterfelijke melaatsheid van de zonde, wij moeten die ene genezen melaatse navolgen, over wie het Evangelie verhaalt “een van hen keerde terug, met luider stem God verheerlijkend, en hij viel op zijn aangezicht neer aan Zijn voeten en dankte Hem”.

Deze dank en eerbied bewijst de ene ware Kerk van God vooral door de goddelijke eredienst. Door het opdragen van het heilig Misoffer en door het vieren van het goddelijk officie. Deze hulde aan God, die de Kerk in Christus opdraagt voor het heil van al haar kinderen, ontslaat de enkele mens niet van zijn verplichting om God te danken en te aanbidden. De goddelijke eredienst die Christus aan Zijn Kerk – in gebod – heeft overgedragen biedt veel meer het middel waarmee wij deze verschuldigde hulde aan God toe kunnen laten komen. Met andere woorden: als wij onze verplichting om God te danken ernstig nemen, en niet zoals de joden daarvoor weglopen, dan is er slechts één manier om Hem te aanbidden, namelijk in en door de liturgie van de Kerk. Deze liturgie is de ontmoeting met het hemelse, reeds hier op aarde. Wij weten dat niets onreins voor het aanschijn van God zal kunnen bestaan. Om dus in deze goddelijke eredienst te kunnen leven en God te kunnen danken, hebben wij reinheid van zeden nodig. Dit vraagt van ons een intense oefening van de deugden, zelfoverwinning en nederigheid. Om in het heilige te zijn moeten wij zelf bereid zijn om ons te laten heiligen, anders zouden onze dank en onze hulde slechts lege geesten en woorden zijn. Misschien is hierin de diepste oorzaak van het wegblijven van de negen genezen melaatsen te zoeken: Zij wilden wel de gaven Gods ontvangen, maar de moeite van een heilig leven en het zuiver blijven was hun te veel.

Dat de gave van genezing van de melaatsheid van de zonde, die God ook vandaag aan Zijn volk schenkt door het heilig doopsel, niet ieder lidmaat van de Kerk met dankbaarheid vervult, is voor iedereen zichtbaar: de kerken zijn leger dan ooit. De kinderen van onze heilige moeder zijn weggelopen, de gave van zuiverheid die God aan hen heeft geschonken wordt bezoedeld door een leven in de zondigheid van de wereld.

Beminde gelovigen, blijven wij echter waakzaam want dankbaarheid is een daad die dagelijks moet worden beoefenend, anders verwordt zij tot een dode formaliteit die bij het eerste onweer weggevaagd zal worden en ons nergens anders zal leiden dan tot de verdoemenis. Wat God in Zijn genade begint moeten wij in Zijn genade tot voleinding leiden door in een levende dankbaarheid het leven van Zijn Kerk binnen te treden. Zo eindigt de intrede van Jezus in het dorp in een dubbele intrede, die levenswekkend is. Als Hij bij ons intreedt, dan moeten wij bij Hem binnentreden door dank en hulde te brengen in Zijn heilige Kerk die tegelijkertijd Zijn mystiek Lichaam is, hier op aarde alleen zichtbaar in de katholieke Kerk, het nieuwe uitverkoren volk Gods. Amen.


vrijdag 13 augustus 2010

65-jarig priesterjubileum in Niel-bij-As


De jubilaris, professor dr Karel Van Isacker S.J.

Op dinsdag 24 augustus 2010 is het 65 jaar geleden dat prof. dr Karel van Isacker S.J. tot priester werd gewijd.

Priester-historicus prof. dr Karel Van Isacker S.J. (1913) ging eind jaren '80 met emeritaat van de Universiteit van Antwerpen. Hij verliet Antwerpen en vertrok naar de rustieke Caelenberg nabij Niel bij As. Hij verbouwde er een boerderij tot Sint-Michaëlskapel. Op 15 augustus 1998 werd de boerderij Berger aan de Caelenberg te Niel bij As na een grondige verbouwing omgevormd tot kapel. Zij werd toegewijd aan de Heilige Michaël.

De 97-jarige Vlaamse pater-jezuïet draagt daar nog dagelijks de heilige Mis op. Hij bleef de oude Tridentijnse ritus trouw.
Onverzettelijk in zijn geloof, zijn gehechtheid aan zijn Vlaamse volk en de christelijke waarden die het mee groot hebben gemaakt, blijft hij op de barricaden staan voor zijn Kerk en zijn land.

Uit dankbaarheid zal er op dinsdagavond 24 augustus een plechtige heilige Mis met assistentie van diaken en subdiaken worden opgedragen. Deze heilige Mis begint om 19.00 uur in onze kapel. De gregoriaanse gezangen zullen worden verzorgd door de Schola Cantorum uit Achel.

Na afloop is er gelegenheid om de priester-jubilaris te feliciteren.


maandag 9 augustus 2010

O Magnum Mysterium - Morten Lauridsen


Componist: Morten Lauridsen (*1943)
Titel: O Magnum Mysterium (1994)
Uitvoerenden: Kings College Choir, Cambridge (2009)




maandag 2 augustus 2010

65-jarig priesterjubileum pater Karel Van Isacker S.J.

Op dinsdag 24 augustus 2010 zal het 65 jaar geleden zijn dat professor dr Karel van Isacker S.J. tot priester werd gewijd.

Uit dankbaarheid zal er die dag om 19.00 uur een plechtige heilige Mis worden opgedragen in onze kapel met assistentie van diaken en subdiaken, waarbij de gregoriaanse gezangen verzorgd zullen worden door de Schola Cantorum uit Achel.

Cadeau-idee: een bijdrage aan de Sint-Michaëlskapel te Niel bij As op bankrekening 001-3928567-46 ten name van Caelenberg v.z.w.


O Priester die, na Christi maat,
hermaakt en hergeboren staat,
ver boven ons en God nabij,
dat iedereen indachtig zij
dat, of de wereld lacht en spot,
gij zijt en blijft een man van God!

Blijft staan, eerweerdig kranke vat,
blijft steunen op Gods hulpe: en dat,
door u geleerd en voorgegaan,
wij recht in uwe schreden staan,
ter tijd dat, vrij van zonde en pijn,
wij, met en door u, zalig zijn!

Guido Gezelle